egrep

GREP(1)                    Opdrachten voor gebruikers                    GREP(1)



NAAM
       grep, egrep, fgrep - toon regels die voldoen aan een patroon

SAMENVATTING
       grep [OPTIE...] PATRONEN [BESTAND...]
       grep [OPTIE...] -e PATRONEN ... [BESTAND...]
       grep [OPTIE...] -f PATROON_BESTAND ... [BESTAND...]

BESCHRIJVING
       grep zoekt het  PATROON in elk  BESTAND.  PATROON zijn een of meer
       patronen gescheiden voor nieuwe regel tekens,  grep toont dan elke regel
       dit voldoet aan een patroon.  Als grep  in een shell commando gebruikte
       wordt dan zal  PATROON tussen aanhalingstekens moeten staan.

       Een BESTAND of `-`  betekent standaard invoer. Als geen BESTAND werd
       opgegeven, dan zullen de werk map recursief doorzocht worden, en niet
       recursieve zoekopdrachten lezen de standaard invoer.

       In aanvulling hierop,  de varianten egrep en fgrep komen overeen met
       grep -E respectievelijk grep -F. Deze varianten zijn afgekeurd, maar
       worden behouden vanwege compatibiliteit.

OPTIES
   Algemene Programma Informatie
       --help Geef een kort help bericht en stop.

       -V, --version
              Toon versie nummer van grep en stop.

   Patroon syntaxis
       -E, --extended-regexp
              Interpreteer PATROON uit als een uitgebreide reguliere expressie
              (zie onder).

       -F, --fixed-strings
              Interpreteer PATROON  als vaste tekst, niet als reguliere
              expressies.

       -G, --basic-regexp
              Interpreteer PATROON  als een reguliere expressie (BRE´s, zie
              hieronder). Dit is de standaard.

       -P, --perl-regexp
              Interpreteer PATROON als PERL-compatibele reguliere expressie
              (PCRE´s). Deze optie is experimenteel indien die gecombineerd
              wordt met de met  -z (--null-data)  optie, en grep -P zou kunnen
              waarschuwen over niet geïmplementeerde features.

   Vergelijkings instellingen
       -e PATRONEN, --regexp=PATRONEN
              Gebruik PATRONEN als patronen.  Als deze optie meerdere keren
              gebruikt of gecombineerd wordt de met -f (--file) optie, zoek dan
              alle gegeven patronen. Deze optie kan gebruikt worden  om patronen
              die beginnen met "-" te beschermen.

       -f BESTAND, --file=BESTAND
              Lees de patronen uit  BESTAND, een per regel.   Als deze optie
              meerdere keren gebruikt  of gecombineerd wordt de met -e
              (--regexp) optie, zoek dan alle gegeven patronen. Een leeg bestand
              bevat geen patronen en vergelijkt daarom niets.

       -i, --ignore-case
              Negeer het verschil tussen hoofd- en kleine letters in patronen en
              de invoer bestanden, zodat alleen tekens die hierdoor verschillen
              bij elkaar horen.

       --no-ignore-case
              Negeer verschillen in hoofd- en kleine letters in patronen en
              invoer data niet. Dit is de standaard. Deze optie is nuttig voor
              doorgeven naar shell scripts die al -i gebruiken, om het effect te
              onderdrukken want de twee opties overschrijven elkaar.

       -v, --invert-match
              Keer de manier van vergelijken om, om niet-passende regels te
              kiezen.

       -w, --word-regexp
              Selecteer alleen die regels die passen op hele woorden. Er wordt
              getest of de passende sub-tekst aan het begin van de regel zit, of
              voorafgegaan door een niet-woord teken.  Net zo, moet het aan het
              einde van de regel zitten, of gevolgd worden door een niet-woord
              karakter. Tekens die in woorden voorkomen zijn letters, cijfers en
              het liggende streepje. Deze optie heeft geen effect als ook -x
              werd opgegeven.

       -x, --line-regexp
              Selecteer alleen die overeenkomsten die precies met een hele regel
              overeenkomen. Voor een reguliere expressie patroon, komt dit
              overeen met het tussen haakjes zetten van het patroon en het
              omgeven met  ^ en $.

       -y     Verouderd synoniem voor -i.

   Algemene uitvoer instellingen
       -c, --count
              Onderdruk normale uitvoer; druk in plaats daarvan een optelling
              van de passende regels af voor elk invoer bestand. Met de -v,
              --invert-match optie (zie onder), tel niet-overeenkomende regels.

       --color[=WANNEER], --colour[=WANNEER]
              Omgeeft de gevonden (niet-lege) teksten, passende regels, context
              regels, bestandsnamen, regel nummers, byte afstand, en de
              scheiders (voor velden en groepen van context regels) met
              stuurcodes om ze in kleur op de terminal te tonen. De kleuren zijn
              bepaald in de omgevingsvariabele GREP_COLORS.  De afgekeurde
              omgevingsvariabele GREP_COLOR wordt nog ondersteund, maar de
              instelling heeft geen prioriteit.  WHEN is never, always, of auto.

       -L, --files-without-match
              Onderdruk gewone uitvoer; druk in plaats daarvan de naam van elk
              invoer bestand af waar normaal geen uitvoer van zou zijn worden
              afgedrukt. Het zoeken zal stoppen bij de eerste overeenkomst.

       -l, --files-with-matches
              Onderdruk gewone uitvoer; druk in plaats daarvan de naam van elk
              invoer bestand af waar normaal uitvoer van zou zijn worden
              afgedrukt. Het zoeken zal stoppen bij de eerste overeenkomst.

       -m AANTAL, --max-count=AANTAL
              Stop met het lezen van een bestand na NUM overeenkomende regels.
              Als de invoer gelezen wordt van standaard invoer van een normaal
              bestand, en NUM passende regels werden getoond, dan zal grep er
              voor zorgen dat de standaard invoer wordt gezet precies na de
              laatste passende regel voor dat het stopt, ook al zijn er
              nakomende context regels. Dit zorgt ervoor dat het aanroepende
              proces kan doorgaan met zoeken. Als grep stopt na NUM passende
              regels, zal het nog volgende context regels tonen. Indien de -c of
              --count optie werd gebruikt, dan zal grep geen teller groter dan
              NUM tonen. Als ook de -v of --invert-match werd gebruikt, dan zal
              grep stoppen na het tonen van NUM niet-passende regels.

       -o, --only-matching
              Toon alleen gevonden (niet-lege) delen van de gevonden regel, met
              elk deel op een aparte uitvoer regel.

       -q, --quiet, --silent
              Stil; schrijf niets naar standaard uitvoer. Stop onmiddellijk  met
              een nul eind waarde wanneer een overeenkomst werd gevonden, zelfs
              als een fout was vastgesteld. Zie ook de -s of --no-messages
              optie.

       -s, --no-messages
              Onderdruk fout berichten over niet-bestaande of onleesbare
              bestanden.

   Uitvoer regel voorvoegsel instellingen
       -b, --byte-offset
              Toon de 0-gebaseerde byte positie in het invoer bestand voor elke
              regel van de uitvoer.  Toon de positie van het gevonden deel zelf
              als -o (--only-matching)  is opgegeven.

       -H, --with-filename
              Toon de bestandsnaam voor elke vondst. Dit is standaard wanneer er
              meer dan een bestand doorzocht moet worden.

       -h, --no-filename
              Onderdruk het voorvoegen van bestandsnamen in de uitvoer. Dit is
              standaard wanneer er precies een bestand (of alleen standaard
              invoer) doorzocht wordt.

       --label=LABEL
              Toon invoer komende van standaard invoer als invoer afkomstig van
              bestand LABEL. Dit is nuttig voor commando´s die de bestand inhoud
              transformeren vóór het doorzoeken, b.v. gzip -cd foo.gz | grep
              --label=foo -H 'some pattern'.  Zie ook de -H optie.

       -n, --line-number
              Voeg vóór elke regel uitvoer het regelnummer toe in het invoer
              bestand.

       -T, --initial-tab
              Zorg ervoor dat het eerste teken van een regel inhoud op een
              tabstop ligt, waarmee de uitlijning van tabs normaal uit ziet. Dit
              is nuttig samen met de opties die hun uitvoer vooraf laten gaan
              met de inhoud: -H,-n, and -b.  Om de kans te vergroten dat de
              regels van een enkel bestand zullen starten in dezelfde kolom, zal
              het regelnummer en de byte positie (indien aanwezig) getoond
              worden in de minimale veld breedte.

       -u, --unix-byte-offsets
              Rapporteer Unix-stijl byte posities. Deze optie veroorzaakt dat
              grep byte posities rapporteert alsof het bestand een Unix-stijl
              tekst bestand was, o.a. met CR tekens verwijderd. Dit zal dezelfde
              uitkomsten opleveren als het uitvoeren van grep op een Unix
              machine. Deze optie heeft geen gevolg tenzij de -b optie ook wordt
              gebruikt; het heeft geen gevolg op andere platformen dan MS-DOS en
              MS-Windows.

       -Z, --null
              Voer een nul byte (het ASCII NUL karakter) uit, in plaats van het
              karakter dat gewoonlijk volgt op een bestandsnaam. Bijvoorbeeld,
              grep -lZ voert een nul byte uit na elke bestandsnaam, in plaats
              van de gewone nieuwe regel. Deze optie maakt de uitvoer eenduidig,
              zelfs bij het voorkomen van bestandsnamen die ongewone karakters
              zoals nieuwe regels bevatten. Deze optie kan worden gebruikt met
              opdrachten zoals find -print0, perl -0, sort -z en xargs -0 om
              willekeurige bestandsnamen te verwerken, zelfs als die nieuwe
              regel-tekens bevatten.

   Context Regel Instellingen
       -A AANTAL, --after-context=AANTAL
              Toon NUM regels van voorafgaande context na gevonden regels.
              Plaatst een regel die de groep scheider  (--) bevat tussen
              opeenvolgende groep van vondsten. Met de -o of --only-matching
              optie, heeft dit geen effect en er zal een waarschuwing gegeven
              worden.

       -B AANTAL, --before-context=AANTAL
              Toon NUM regels van voorafgaande context na gevonden regels.
              Plaatst een regel die de groep scheider  (--) bevat tussen
              opeenvolgende groep van vondsten. Met de -o of --only-matching
              optie, heeft dit geen effect en er zal een waarschuwing gegeven
              worden.

       -C AANTAL, -AANTAL, --context=AANTAL
              Toon NUM regels context. Plaatst een regel die de groep scheider
              (--) bevat tussen opeenvolgende groep van vondsten. Met de -o of
              --only-matching optie, heeft dit geen effect en er zal een
              waarschuwing gegeven worden.

   Bestand en Map Selectie
       -a, --text
              Verwerk een binair bestand alsof het tekst was; dit is equivalent
              aan de --binary-files=text optie.

       --binary-files=SOORT
              Als de data of metadata van een bestand aangeeft dat het bestand
              binaire data bevat, neem dan aan de het bestand van type TYPE is.
              Niet-tekst bytes geven binaire data aan; dit zijn ofwel uit voer
              bytes die niet goed gecodeerd zijn voor de huidige locale , of nul
              invoer bytes indien de -z optie niet opgegeven werd.

              Standaard zullen SOORT binair, en grep uitvoer onderdrukken na een
              het ontdekken van een nul in de binaire invoer, en ook uitvoer
              regels onderdrukken die ongeldige gecodeerde data bevatten. Indien
              uitvoer werd onderdrukt, dan zal grep zal de uitvoer voorzien van
              een bericht met de mededeling dat een binair bestand gevonden
              werd.

              Als SOORT without-match is, dan zal wanneer grep  nul invoer
              binaire data ontdekt het aanneemt dat de rest van het bestand niet
              overeenkomt; dit is gelijk aan de -I optie.

              Als SOORT text is, dan verwerkt grep een binair bestand alsof het
              tekst was; dit is gelijk aan de -a optie.

              Wanneer SOORT binary is, dan kan grep niet-tekst bytes als regel
              einden  behandelen zelfs zonder de -z optie is. Dit betekent dat
              binary versus text kan beïnvloeden dat een patroon op een bestand
              past.  Bijvoorbeeld, wanneer SOORT gelijk is aan binary dan q$ kan
              patroon overeenkomen met q onmiddellijk gevolgd door een nul-byte,
              zelfs als die niet past wanneer  SOORT gelijk is  aan  text.
              Andersom, wanneer SOORT is binary dan komt . (period)  niet
              overeen met een nul byte.

              Waarschuwing: grep --binary-files=text kan binaire onzin
              genereren, wat vervelende bijeffecten kan hebben als de uitvoer
              naar een terminal gaat en als de terminal driver deze
              interpreteert als een commando. Aan de andere kant, als bestanden
              gelezen worden waarvan de codering onbekend is, dan kan het helpen
              om -a op te geven of om LC_ALL=C in de omgeving te zetten, om zo
              meer overeenkomsten te vinden zelfs als deze niet veilig zijn om
              meteen te tonen.

       -D ACTIE, --devices=ACTIE
              Als het invoer bestand een apparaat is, FIFO of socket, gebruik
              dan ACTIE om het te verwerken. Standaard, ACTIE is read, hetgeen
              betekent dat apparaten gelezen worden net als dat het normale
              bestanden waren. Als ACTIE is skip dan worden apparaten
              overgeslagen.

       -d ACTIE, --directories=ACTIE
              Als een invoer bestand een map is, gebruik ACTIE om het te
              verwerken. Normaal is ACTIE read, wat betekend dat mappen gelezen
              worden alsof het gewone bestanden waren. Als ACTIE skip is, worden
              mappen in stilte overgeslagen. Als ACTIE recurse is, leest grep
              alle bestanden in  elke map, recursief, alleen symbolische
              koppelingen volgend als die op de commando regel stonden. Dit is
              gelijk aan de -r optie.

       --exclude=BESTANDSPATROON
              Sla elke commando-regel bestand over met een achtervoegsel dat
              past op het patroon GLOB, gebruik makend van jokerteken; een naam
              achtervoegsel is of de volledige naam  of een volgend deel dat
              begint met een niet-slash teken onmiddellijk na de slash (/) in de
              naam. Als er recursief gezocht wordt, sla dan elke bestand over
              waarvan de basis naam past op GLOB; de basis naam is het deel na
              de laatste slash. Een patroon mag *, ?, en [...] als jokertekens,
              en \ gebruiken om een jokerteken of backslash teken letterlijk te
              citeren.

       --exclude-from=BESTAND
              Sla bestanden over waarvan  de basis naam past op een van de
              algemene bestandsnamen gelezen van BESTAND (gebruik jokerteken
              passend zoals beschreven onder --exclude).

       --exclude-dir=BESTANDSPATROON
              Sla elke commando-regel map over met een achtervoegsel dat past op
              het patroon GLOB. Als er recursief gezocht wordt, sla een map over
              waarvan de basis naam past op GLOB.  Negeer overtollige slashes
              achter in GLOB.

       -I     Verwerk een binair bestand als of het geen passende gegevens
              bevatte; dit is gelijk aan de --binary-files=without-match optie.

       --include=BESTANDSPATROON
              Zoek alleen bestanden waarvan de basis naam past op GLOB (gebruik
              van jokerteken zoals beschreven in --exclude). Als daarentegen de
              --include en de --exclude opties werden opgegeven, dan wordt een
              bestand mee genomen tenzij de eerste van die opties --include is.

       -r, --recursive
              Lees alle bestanden in elke map, recursief, symbolische
              koppelingen volgens alleen als ze op de commando regel stonden.
              Merk op dat als geen bestand werd gegeven, grep alleen in de werk
              map zoekt. Dit is equivalent aan de -drecurse optie.

       -R, --dereference-recursive
              Lees alle bestanden in elke map, recursief. Volg alle symbolische
              koppelingen, in tegenstelling to -r.

   Andere Opties
       --line-buffered
              Gebruik regel buffering bij uitvoer. Dit kan een prestaties
              kosten.

       -U, --binary
              Behandel de bestand(en) als binair. Standaard, onder MS-DOS en
              MS-win, gokt grep of een bestand een tekst of binair bestand is
              zoals beschreven voor de --binary-files optie . Als grep besluit
              dat het bestand een tekst bestand is haalt het de CR karakters uit
              de originele bestand inhoudt (om reguliere expressies met ^ en $
              goed te laten werken). Opgeven van -U overstemd dit gokken, en
              veroorzaakt dat alle bestanden gelezen worden en doorgegeven
              worden aan het "passen-op"-mechanisme. Hoe dan ook, als een
              bestand een tekst bestand met CR/LF paren aan het einde van elke
              regel is, zal dat ervoor zorgen dat sommige reguliere expressies
              zullen falen. Deze optie heeft geen zin op andere platformen
              anders dan MS-DOS en MS-Windows.

       -z, --null-data
              Behandel invoer en uitvoer data als opeenvolgende regels, elke
              afgesloten met een nul-byte (het ASCII NUL teken) in plaats van
              een nieuwe regel. Net als de -Z of --null optie, kan deze optie
              gebruikt worden met commando´s zoals sort -z om  willekeurige
              bestandsnamen te verwerken.

REGULIERE EXPRESSIES
       Een reguliere expressie is een patroon dat een verzameling teksten
       beschrijft. Reguliere expressies worden op dezelfde manier gebouwd als
       rekenkundige expressies: door met gebruik van verschillende operatoren
       kleinere delen samen te binden.

       grep begrijpt drie verschillende versies van reguliere-expressies
       syntaxis: “basic” (BRE), “extended” (ERE) and “perl” (PCRE). In GNU grep
       is er geen verschil in bruikbaarheid tussen de drie versies. In andere
       implementaties zijn basis reguliere expressies minder krachtig. De
       volgende beschrijving gaat op voor uitgebreide reguliere expressies;
       verschillen met de basis reguliere expressies worden naderhand
       samengevat. Perl-compatibele reguliere expressies geven additionele
       functionaliteit, en zijn gedocumenteerd in pcresyntax(3) en
       pcrepattern(3), maar werken alleen als  PCRE beschikbaar is in het
       systeem

       De fundamentele bouwstenen zijn de reguliere expressies, die passen op
       een enkel karakter. De meeste tekens, ook alle letters en cijfers, zijn
       reguliere expressies die op zichzelf passen. Elk meta-teken met een
       speciale betekenis kan geciteerd worden door het vooraf te laten gaan
       door een backslash.

       De punt . past elk enkelvoudig karakter. Het is niet gespecificeerd of
       het past op een codering fout.

   Teken klassen en Expressies met Haakjes
       Een haakjes expressie is een lijst van tekens omsloten door [ en ]. Het
       past elk enkelvoudig teken van die lijst. Als het eerste karakter van de
       lijst het dakje ^ is, dan past het elk enkelvoudig teken niet in die
       lijst. Het is niet gespecificeerd of het past op een codering fout.
       Bijvoorbeeld, de reguliere expressie [0123456789] past elk enkelvoudig
       cijfer.

       In een haakjes expressie, bestaat een  bereik expressie uit twee tekens
       gescheiden door een koppelteken.  Dit vind elk enkel teken dat past
       tussen twee de twee tekens, inclusief, het gebruik van de taaldefinitie
       verzameling volgorde en teken set. Bij voorbeeld, in de standaard C
       taaldefinitie, [a-d] is equivalent aan [abcd].  Veel locales sorteren
       tekens in woord volgorde, en in deze is [a-d] gewoonlijk niet equivalent
       [abcd]; het kan equivalent zijn aan [aBbCcDd], bij voorbeeld.  Om de
       klassieke interpretatie van haakjes expressie te verkrijgen, kun je best
       de C taaldefinitie instellen door het zetten van de LC_ALL
       omgevingsvariabele op de waarde C.

       Tenslotte, bepaalde benoemde klassen van tekens zijn voorgedefinieerd.
       Hun namen spreken voor zichzelf, en het zijn [:alnum:], [:alpha:],
       [:cntrl:], [:digit:], [:graph:], [:lower:], [:print:], [:punct:],
       [:space:], [:upper:] en [:xdigit:]. Bijvoorbeeld [[:alnum:]] betekend
       [0-9A-Za-z], behalve dat de laatste vorm afhankelijk is van de POSIX
       taaldefinitie en de ASCII tekenset, terwijl de eerste onafhankelijk is
       van taaldefinitie en tekenset. (Merk op dat de rechte haakjes in deze
       klasse namen onderdeel zijn van de symbolische namen, en ook gegeven
       moeten worden bij de ook al rechte haakjes die de rechte-haakjes-lijst
       omsluiten.) De meeste meta-tekens verliezen hun speciale betekenis binnen
       een lijst. Om een letterlijke ] op te geven, plaats het als eerste in de
       lijst. Hetzelfde idee voor een letterlijke ^, plaats het overal behalve
       als eerste. Tenslotte, om een letterlijke - bij te voegen, plaats het als
       laatste.

   Verankering
       Het dakje ^ en het dollar teken $ zijn meta-tekens die op respectievelijk
       de lege string aan het begin, en aan het einde van een regel passen.

   Het backslash teken en Speciale Expressies
       De symbolen \< en \> passen respectievelijk de lege tekst aan het begin,
       en aan het einde van een woord. Het symbool \b past de lege string aan de
       rand van een woord, en \B past de lege string als het niet de rand van
       een woord is. Het symbool \w is een synoniem voor [_[:alnum:]] en \W is
       een synoniem voor [^_[:alnum:]].

   Herhaling
       Een reguliere expressie mag gevolgd worden door een of meerdere herhaal
       operatoren:
       ?      Het voorgaande item is optioneel en paste ten hoogste één keer.
       *      Het voorgaande item zal nul of meer keer gepast worden.
       +      Het voorgaande item zal één  of meer keer gepast worden.
       {n}    Het voorgaande item zal precies n keer gepast worden.
       {n,}   Het voorgaande item zal n of meer keer gepast worden.
       {,m}   Het voorafgaande item past op zijn meest m keer. Dit is een GNU
              uitbreiding.
       {n,m}  Het voorgaande item zal minstens n keer, maar niet meer dan m keer
              gepast worden.

   Concatenatie
       Twee reguliere expressies kunnen worden geconcateneerd; de reguliere
       expressie die dat oplevert past elk tekst die bestaat uit de twee samen
       gevoegde  sub-teksten die op de twee respectievelijke sub-expressies
       passen.

   Afwisseling
       Twee reguliere expressies kunnen samengevoegd worden door de invoeg
       operator |; de reguliere expressie die dat oplevert past elke string die
       of de ene, of de andere sub-expressie past.

   Voorrang
       Herhaling heeft voorrang boven achter elkaar aanzetten, wat weer voorrang
       heeft boven wisselen. Een hele sub-expressie kan omgeven worden door
       haakjes om deze voorrangsregels te omzeilen.

   Terugverwijzingen en Sub-expressies
       De terugverwijzing \n, waar n een enkel cijfer is, past de sub-tekst
       daarvóór gepast door de nde met haakjes omsloten sub-tekst in de
       reguliere expressie.

   Basis versus uitgebreide Reguliere Expressies
       In basis reguliere expressies verliezen de meta-tekens ?, +, {, |, ( en )
       hun speciale betekenis; in plaats daarvan gebruik de versies met
       backslash \?, \+, \{, \|, \( en \).

EIND WAARDE
       Normaal is de eind waarde 0 als er overeenkomsten werden gevonden, en 1
       als geen overeenkomsten werden gevonden en 2 als er een fout optrad.
       Hoewel, als  of -q of --quiet of --silent werd gebruikt en een regel werd
       gevonden, dan is de eind waarde 0 zelfs als er een fout optrad.

OMGEVING
       Het gedrag van grep wordt beïnvloed door de volgende omgevingsvariabelen

       De  taaldefinitie van de categorie LC_foo wordt gespecificeerd door drie
       omgevingsvariabelen LC_ALL, LC_foo, LANG in die volgorde te bekijken. De
       eerste van deze variabelen die is gezet bepaald de taaldefinitie. Bij
       voorbeeld, als LC_ALL niet is gezet, maar LC_MESSAGES is gezet op pt_BR,
       dan wordt de Braziliaans-Portugese taaldefinitie gebruikt voor de
       LC_MESSAGES categorie. De C taaldefinitie wordt gebruikt als geen enkele
       taaldefinitie is gezet, als de taal catalogus niet werd geïnstalleerd, of
       grep werd niet gebouwd met nationale taal ondersteuning (NLS). Het shell
       commando locale -a toont beschikbare taaldefinities.

       GREP_COLOR
              Deze variabele bepaald de kleur die gebruikt wordt om gevonden
              (niet lege)  tekst te accentueren. Hij is afgekeurd ten gunste van
              GREP_COLORS, maar wordt nog ondersteund.  De mt, ms, en mc vormen
              van GREP_COLORS hebben hogere  prioriteit. Hij kan alleen de kleur
              die gebruikt wordt om gevonden niet-lege tekst te accentueren in
              een gevonden regel (een gevonden regel als de -v commando-regel
              optie werd weggelaten, of een context regel als -v werd
              opgegeven),  De standaard is 01;31, hetgeen een rode voorgrond
              tekst op de standaard achtergrond van de terminal inhoud.

       GREP_COLORS
              Specificeert kleuren en andere attributen die gebruikt kunnen
              worden om de diverse onderdelen van de uitvoer te accentueren.
              Zijn waarde is een komma-gescheiden lijst van mogelijkheden met
              ms=01;31:mc=01;31:sl=:cx=:fn=35:ln=32:bn=32:se=36 als standaard
              waarde en de rv en ne logische mogelijkheden zijn weggelaten
              (m.a.w. onwaar). Ondersteunde mogelijkheden zijn de volgende.

              sl=    SGR sub-tekst voor compleet geselecteerde regels (m.a.w.
                     passende regels als de -v commando-regel optie werd
                     weggelaten, of niet-passende regels als -v werd opgegeven).
                     Als zowel de logische rv optie en de -v commando-regel
                     opgegeven werden, dan is dit van toepassing op passende
                     contex regels. De standaard is leeg (m.a.w. het standaard
                     kleuren paar van de terminal).

              cx=    SGR sub-tekst for hele context regels (m.a.w. niet-passende
                     regels als de -v commando-regel optie is weggelaten, or
                     passend regels als -v werd opgegeven. Als echter zowel de
                     logische rv als de -v commando-regel optie werden
                     opgegeven, dan is dit alleen van toepassing op
                     geselecteerde niet-passende regels. De standaard is leeg
                     (.m.a.w. het standaard kleuren paar van de terminal).

              rv     Logische waarde dat de betekenis omdraait van de sl= and
                     cx= capabilities indien de -v command-regel optie werd
                     gespecificeerd. De standaard is ONWAAR (m.a.w. the
                     capaciteit is weggelaten).

              mt=01;31
                     SGR sub-tekst voor passende niet-lege tekst in ieder
                     passend regel (m.a.w., een geselecteerde regel wanneer de
                     -v commando-regel optie werd weggelaten, of een context
                     regel  als -v werd opgegeven. Deze instelling is equivalent
                     aan het instellen van ms= en mc= in een keer op dezelfde
                     waarde. De standaard is vette rode tekst in de voorgrond
                     tegen de bestaande regel achtergrond.

              ms=01;31
                     SGR sub-tekst voor passende niet-lege tekst in een passende
                     regel (dit wordt alleen gebruikt als de -v commando-regel
                     optie werd weggelaten.) Het effect van de sl= (of cx= als
                     rv) capaciteit blijft actief wanneer dit optreedt. De
                     standaard is vette rode tekst in de voorgrond tegen de
                     bestaande regel achtergrond.

              mc=01;31
                     SGR sub-tekst voor passende niet-lege tekst in een context
                     regel (dit wordt alleen gebruikt als de -v commando-regel
                     optie werd gegeven.) Het effect van de cx= (of sl= als rv)
                     capaciteit blijft actief wanneer dit optreedt. De standaard
                     is vette rode tekst in de voorgrond tegen de bestaande
                     regel achtergrond.

              fn=35  SGR sub-tekst voor bestandsnamen die vooraf gaan aan een
                     regel inhoud. De standaard is magenta tekst voorgrond
                     tegen de standaard terminal achtergrond.

              ln=32  SGR sub-tekst voor regel nummer die vooraf gaan aan een
                     regel inhoud. De standaard is groene tekst voorgrond  tegen
                     de standaard terminal achtergrond.

              bn=32  SGR sub-tekst voor byte posities die vooraf gaan aan een
                     regel inhoud. De standaard is groene tekst voorgrond  tegen
                     de standaard terminal achtergrond.

              se=36  SGR sub-tekst voor scheiders die zijn ingevoegd tussen
                     geselecteerde regel velden (:, tussen context regel velden,
                     (-, en tussen groepen van aansluitende regels als een
                     niet-lege context werd opgegeven   (--).  De standaard is
                     cyaan tekst voorgrond  tegen de standaard terminal
                     achtergrond.

              ne     Logische waarde die het wissen tot regel einde voor komt
                     door gebruik van Erase in Line (EL) naar Rechts (\33[K)
                     elke keer een gekleurd item eindigt. Dit is nodig op
                     terminals waar EL niet ondersteund wordt. Het is ook nuttig
                     op terminals waar de back_color_erase (bce)  logische
                     terminfo capaciteit niet van toepassing is, wanneer de
                     gekozen opvallende kleuren niet van invloed zijn op de
                     achtergrond, of wanneer EL te langzaam is en flakker
                     veroorzaakt. De standaard is ONWAAR (m.a.w. de capaciteit
                     wordt weggelaten).

              Merk op dat de logische capaciteiten geen =... deel hebben. Ze
              worden standaard weggelaten (m.a.w. ONWAAR) en worden WAAR indien
              opgegeven.

              Zie de Select Graphic Rendition (SGR) sectie in de documentatie
              van de tekst terminal die wordt gebruikt om toegestane waarden en
              hun betekenis als tekst attributen.  Deze sub-tekst waarden zijn
              gehele getallen in decimale notatie en kunnen worden
              geconcateneerd met puntkomma´s.  grep zorgt voor het samenstellen
              van het resultaat in een complete SGR sequentie (\33[...m).
              Voorkomende waarden voor concatenatie  zijn o.m. 1 voor vet, 4
              voor  onderstrepen, 5 voor knipperen, 7 voor omkeren, 39 voor
              standaard voorgrond kleur, 30 tot 37 voor voorgrond kleuren, 90
              tot 97 voor 16-kleurenmode voorgrond kleuren, 38;5;0 tot 38;5;255
              for 88-kleuren and 256-kleuren modes voorgrond kleuren, 49 voor
              default achtergrond kleur, 40 tot 47 voor achtergrond kleuren, 100
              tot 107 for 16-kleuren mode achtergrond kleuren, and 48;5;0 tot
              48;5;255 voor 88-kleuren en 256-kleuren modes achtergrond kleuren.

       LC_ALL, LC_COLLATE, LANG
              Deze variabelen specificeren de taaldefinitie voor de LC_COLLATE
              categorie, deze  bepaald de verzameling volgorde die gebruikt
              wordt om bereik expressies te ontleden zoals [a-z].

       LC_ALL, LC_CTYPE, LANG
              Deze variabelen geven de LC_CTYPE taaldefinitie op, die het soort
              karakters bepaalt, o.a. welke tekens witruimte zijn. De
              taaldefinitie wordt bepaald door de eerste van deze variabelen die
              is gezet. De POSIX taaldefinitie wordt gebruikt als geen van deze
              omgevingsvariabelen zijn gezet, of als de taaldefinitie
              verzameling niet is geïnstalleerd, of als grep niet was
              gecompileerd met talen ondersteuning (NLS)

       LC_ALL, LC_MESSAGES, LANG
              Deze variabelen specificeren de LC_MESSAGES categorie, die de taal
              bepaalt die grep gebruikt voor berichten. De standaard C
              taaldefinitie gebruikt Amerikaans Engelse berichten.

       POSIXLY_CORRECT
              Indien gezet gedraagt grep zich zoals POSIX; anders gedraagt grep
              zich meer zoals andere GNU programma's. POSIX vereist dat de
              opties die volgen op bestandsnamen, behandeld moeten worden als
              bestandsnamen; standaard worden dergelijke opties verplaatst naar
              het begin van de operanden lijst en worden behandeld als opties.
              Ook eist POSIX dat de niet herkende opties als "onwettig" worden
              aangemerkt, maar omdat ze niet echt tegen de wet zijn worden ze
              normaal aangemerkt als "ongeldig". POSIXLY_CORRECT zet ook
              _N_GNU_nonoption_argv_flags_ uit, hieronder beschreven.

       _N_GNU_nonoption_argv_flags_
              (Hier is N grep's numerieke proces ID.) Als het ide teken van deze
              omgevingsvariabele waarde 1 is, beschouw het ide operand voor grep
              niet als een optie, zelfs als het er een lijkt te zijn. De shell
              kan deze variabele in de omgeving plaatsen voor elke opdracht die
              het start, daarmee opgevend welke operanden het resultaat zijn van
              jokerteken expansie en daarom niet behandeld zou moeten worden als
              een optie. Dit gedrag is alleen beschikbaar met de GNU C
              bibliotheek, en alleen wanneer POSIXLY_CORRECT niet gezet is.

OPMERKINGEN
       Deze handleiding wordt sporadisch onderhouden; de volledige documentatie
       is vaker beter bijgewerkt.

COPYRIGHT
       Copyright 1998-2000, 2002, 2005-2020 Free Software Foundation, Inc.

       Dit is vrije software; zie de programmatekst voor de kopieervoorwaarden.
       Er is GEEN garantie; zelfs niet voor VERKOOPBAARHEID of GESCHIKTHEID VOOR
       EEN BEPAALD DOEL.

BUGS
   Bugs Rapporteren
       Email bug rapporten naar het bug-rapportage adres ⟨bug-grep@gnu.org⟩.
       Een email archief ⟨https://lists.gnu.org/mailman/listinfo/bug-grep⟩ en
       een bug volger ⟨https://debbugs.gnu.org/cgi/pkgreport.cgi?package=grep⟩
       zijn beschikbaar.

   Bekende Bugs
       Grote herhalingsaantallen voor de {n,m} bouwsteen kunnen zorgen dat grep
       veel geheugen gebruikt. Daar bovenop kunnen sommige obscure reguliere
       expressies exponentieel meer tijd en ruimte vragen, en kunnen ervoor
       zorgen dat het geheugen voor grep opraakt.

       Terugverwijzingen zijn heel langzaam, en kunnen exponentieel meer tijd
       vragen.

VOORBEELD
       Het volgende voorbeeld toont locatie en inhoud van elke regel die "f"
       bevat en eindigt op ".c", in elk bestand in de huidige werkmap waarvan de
       naam "g" bevat en eindigt in "*.h".  De -n optie toont regel nummers, het
       -- argument behandelt expansie van "*g*.h" beginnend met "-" als
       bestandsnamen niet als opties, en het lege bestand /dev/null zorgt er
       voor dat bestandsnamen getoond worden zelfs als alleen een bestandsnaam
       van de vorm "*g*.h" is.

         $ grep -n -- 'f.*\.c$' *g*.h /dev/null
         argmatch.h:1:/* definitions and prototypes for argmatch.c

       De enige regel dit past is regel 1 van argmatch.h. Merk op dat de
       reguliere expressie syntaxis gebruikt in het patroon verschilt van de
       globbing syntaxis die de shell gebruikt om bestandsnamen te zoeken.

ZIE OOK
   Reguliere Handleidingen
       awk(1), cmp(1), diff(1), find(1), perl(1), sed(1), sort(1), xargs(1),
       read(2), pcre(3), pcresyntax(3), pcrepattern(3), terminfo(5), glob(7),
       regex(7).

   Volledige documentatie
       Een volledige handleiding ⟨https://www.gnu.org/software/grep/manual/⟩ is
       beschikbaar. Als de programma's info en grep correct op uw systeem zijn
       geïnstalleerd, dan geeft de opdracht

              info grep

       toegang tot de volledige handleiding.


VERTALING
       De Nederlandse vertaling van deze handleiding is geschreven door Jos
       Boersema <joshb@xs4all.nl>, Mario Blättermann
       <mario.blaettermann@gmail.com> en Luc Castermans
       <luc.castermans@gmail.com>

       Deze vertaling is vrije documentatie; lees de GNU General Public License
       Version 3 ⟨https://www.gnu.org/licenses/gpl-3.0.html⟩ of later over de
       Copyright-voorwaarden. Er is geen AANSPRAKELIJKHEID.

       Indien U fouten in de vertaling van deze handleiding zou vinden, stuur
       een e-mail naar debian-l10n-dutch@lists.debian.org ⟨⟩.



GNU grep 3.6                       2019-12-29                            GREP(1)